Vla

Elke dag vla als toetje. Wie wil dat nou niet?
Onze meiden vinden het in ieder geval heerlijk.

Jarenlang kregen ze yoghurt met een scheutje siroop. Daar waren ze tevreden mee.
Ik weet niet precies wanneer het is gebeurd, maar de afgelopen tijd eten ze alleen maar vla.
Het is er een beetje ingeslopen.
Dat is grotendeels mijn schuld, want ik ben verantwoordelijk voor het inkoopbeleid.
Ik ben dus ook degene die er wat aan kan veranderen. Op een dag besluit ik dat het best een beetje minder kan.

Na het avondeten loopt de oudste naar de koelkast om het toetje te pakken.
‘Wat is dit?’ vraagt ze en houdt het onbekende pak omhoog.
‘Vruchtenyoghurt.’
‘Waarom vruchtenyoghurt?’ vraagt de jongste.
‘Ieuw, er zitten stukjes in,’ zegt de oudste. Vol afschuw laat ze de emulsie van haar lepel in het bakje vallen.
‘Dat zijn stukjes aardbei,’ leg ik uit.
‘Maar waarom geen vla?’ vraagt de jongste.
‘Ik vind het onzin om elke dag vla te eten. Daarom heb ik besloten om over te stappen op vruchtenyoghurt.’
‘Waarom?’ vraagt de jongste nog eens.
‘Vla is voor speciale gelegenheden. Bijvoorbeeld als er mensen blijven eten.’
‘Ik eet dit niet, hoor,’ zegt de oudste en schuift het bakje demonstratief van zich af.
Ze gaan allebei van tafel zonder een hap van het toetje te hebben genomen.
Daar zit ik dan met de aardbeienyoghurt. Dat schiet natuurlijk ook niet op.
Ik sta 2-1 achter.

Dan komt papa thuis van zijn werk.
‘Papa, we mogen geen vla meer van mama!’
‘Klopt,’ zeg ik en wacht zijn reactie af.
Een gelijkspel is nu nog het hoogst haalbare.

‘Ach, ik at als kind liters vanillevla. Wat is er nou mis met een lekker bakje vla na het eten?’ zegt hun vader.
3-1.

Ik geef me gewonnen…

Achtergrond vector gemaakt door freepik – nl.freepik.com