Loslaat-lasagne

‘Wat gaan we vanavond eten?’
‘Lasagne,’ antwoord ik.
‘Jummie!!!’ roepen de meiden in koor.
Die reactie klinkt me als muziek in de oren. Niet zo lang geleden viel lasagne nog in de categorie ‘niet te pruimen, blegh en ieuw’. Tegenwoordig smullen ze ervan.

‘Mag ik helpen met koken?’ vraagt de jongste.
‘Ja, hoor.’
Nog zo’n geweldige vooruitgang.
Al moet ik wel even wennen aan het fenomeen ‘kookhulpjes’. Als ik het alleen doe, ben ik in een mum van tijd klaar. Bovendien gebeurt het dan zonder gesmeer.
Maar het is belangrijk dat ze leren koken, dus ik moet gewoon accepteren dat er geknoeid gaat worden. Ik beschouw het als een soort therapie voor mezelf.

‘Pak maar een maatbeker en vul hem met 500 ml melk en 500 ml water,’ zeg ik.
‘Zit er melk in lasagne?’ vraagt de jongste verbaasd. Ze vindt melk supervies.
‘Ja, een halve liter,’ antwoord ik.
Even ben ik bang dat deze informatie haar liefde voor lasagne als sneeuw voor de zon doet verdwijnen.
Maar ze haalt haar schouders op en gaat aan de slag. Ze lijkt het alweer te zijn vergeten.

De week erop mag de oudste helpen met koken. Er staat weer lasagne op het menu.
‘Mag ik de sausmix in de pan strooien?’
Ik knik. ‘Wel voorzichtig doen, hè, anders valt alles ernaast.’
Ze opent het zakje en houdt het boven de pan. Ik sta klaar om in te grijpen.
‘Maham, ik kan het echt wel, hoor. Doe je handen maar weg. Dat is superirritant.’
‘Oké, sorry.’ Ik zet een stap achteruit en kijk over haar schouder mee.
De oudste kijkt opzij. ‘Maham, doe nou eens chill, het gaat hartstikke goed.’

Het is waar. Ik hoef niets te doen, ik mag het loslaten.
Dit is geen gewone lasagne, dit is ‘loslaat-lasagne’.

Voedsel vectoren designed by Freepik