Een ‘hele’ knuffel

De achterdeur gaat open.
‘Waar is papa?’
‘Boven,’ antwoord ik.
‘Hoe gaat het met hem?’
‘Goed, hoor.’

Dit is het standaardgesprek dat ik voer met de meiden sinds de valpartij van hun vader. Als ze uit school komen, willen ze meteen weten hoe het ervoor staat.
Het liefst zouden ze de hele dag bij hem blijven. Toen ze vorig weekend een nachtje uit logeren waren, kregen we appjes dat ze papa zo misten. De schatten.

Ze vinden het vreselijk om hun vader zo gehavend te zien.
Knuffelen gaat niet vanwege zijn gebroken sleutelbeen en de vele schaafwonden.
Daar hebben ze inmiddels iets op gevonden: de ‘halve’ knuffel, waarbij ze hun hoofd op zijn ongedeerde schouder leggen.

Alle schaafwonden worden nauwlettend in de gaten gehouden. Ze maken er een hele studie van.
‘Kijk, de korst op je wang laat al een beetje los,’ zegt de oudste. Haar neus raakt bijna zijn wang.
Er is al een stukje nieuwe, lichtroze huid zichtbaar.
‘Dat is een goed teken,’ zeg ik.

Langzaam maar zeker verdwijnen ook de korsten op zijn schouder, armen en benen.
Overal waar hij heeft gelegen of gezeten, liggen afgebrokkelde stukjes korst. Het liefst zou ik ze allemaal meteen met de stofzuiger weghalen. Dat doe ik toch maar niet. Hij ziet me aankomen…

Regelmatig wordt er geïnformeerd naar de toestand van mijn man.
‘Hoe gaat het met hem?’
‘Goed, hoor. Elke dag een beetje beter.’
Een vraag die soms wordt gesteld, is: ‘En, stopt hij nu met fietsen?’
Ik kijk mijn gesprekspartner aan. ‘Wat denk je zelf?’
‘Eh, nee?’ is het antwoord.

Inderdaad. Hij zou het liefst zo snel mogelijk weer met de racefiets op pad gaan.
De meiden hebben een andere wens. Zij willen hem gewoon weer een ‘hele’ knuffel kunnen geven. Ik ook trouwens…

Heart vector created by alicia_mb – www.freepik.com